Guadeloupe (1.510 Km²) bestaat eigenlijk uit
twee eilanden die van elkaar worden gescheiden door de smalle overbrugde
Rivière Salée. In het westen ligt Basse-Terre met de vulkaan Grande
Soufrière, en met een inwonersaantal van ongeveer 150.000. Hier bevindt zich
ook de administratieve hoofdstad van Guadeloupe, Basse-Terre.
Het andere gedeelte van het eiland heet Grande-Terre
met Pointe-à-Pitre als
belangrijkste stad, tevens het handelscentrum van het eiland (bevolking
177.000). Grande-Terre is een laagplateau waar meestal suikerriet wordt verbouwd.
Een groot gedeelte van Basse-Terre wordt ingenomen door het Parque National
een
niet-afgesloten gebied waar de wilde natuur nog steeds volop aanwezig is. In
Saint-Claude kan je meer informatie krijgen over de vulkaan en het woud in La
maison du Volcan en in La maison de la Fôret. Hoewel je hier nog prachtige
natuurgebieden aantreft, zal je niet veel wilde dieren meer aantreffen. De
meeste inlandse diersoorten zijn verdwenen.
Geschiedenis
Columbus ontdekte het eiland in 1493 en noemde
het naar de Maagd van Guadeloupe in Extramadura, Spanje. De Carib-indianen
noemden het eiland Karukera of 'eiland van het prachtige water'. De eerste
echte kolonisten waren de Fransen in 1635. De suikerplantages werden bewerkt
door slaven. Zoals op de andere eilanden werd de slavernij afgeschaft in 1848.
Hoewel het eiland nu dezelfde status heeft als Martinique (eerst Département,
later Région) wordt Guadeloupe nog altijd gezien als het armere broertje. De
politieke roep om onafhankelijkheid is hier echter wel luider en
gewelddadiger.

All Guadeloupe pictures courtesy of the
Guadeloupe Tourist Board